Home > Publicaties > Thieme 2007
Tiende Stoutenburglezing door Marianne Thieme van de Partij voor de Dieren

Wij zijn allen deel van het ene Ecosysteem

Mariannme Thieme, Partij voor de Dieren.

Zolang de mens doorgaat met het wreed vernietigen van andere levende wezens, zal hij nooit gezondheid en vrede kennen. Want zolang zij massaal dieren doden, zullen ze doorgaan met elkaar de doden. Want het is toch zo, dat hij die het zaad van de dood en pijn zaait, kan nooit openstaan voor joy and love.
(Pythagoras)

Beste mensen,

Hartelijk dank voor de uitnodiging om hier te mogen spreken bij het Franciscaans Milieuproject. In de week dat Gandhi 128 geworden zou zijn. Een omgeving als deze nodigt zeer uit om te spreken over geschiedenis. De geschiedenis van Gandhi, van Einstein, van Franciscus. Grote namen die op verschillende plaatsen in de tijd hetzelfde nastreefden: mededogen en duurzaamheid. Ik wil graag beginnen met u iets te vertellen over mijn eigen geschiedenis en drijfveren om op te komen voor dieren, natuur en milieu en daarna de geschiedenis van de Partij voor de Dieren, hoewel een deel daarvan mogelijk al via de krant tot u gekomen is.

Rooms-katholiek gezin

Ik ben 35 jaar geleden geboren in Doorwerth in een rooms-katholiek gezin. M'n ouders hebben me vanaf aanvang bijgebracht dat respect voor een leefomgeving een groot goed is. Dat niet het recht van de sterkste centraal hoort te staan in het leven, maar het belang van de zwaksten.
Als kind , opgroeiend op de Veluwe, heb ik me steeds verbaasd over de vele betonnen stallen en schuren waar dieren op elkaar gepakt verblijven. Stallen zonder daglicht, zonder voldoende ruimte, waar medeschepselen leven alsof ze niet meer dan dingen, productiemiddelen zijn. Het werd me duidelijk dat het vaak streng gelovige christenen waren die bedrijven in de bio-industrie hadden. En dat zij ervan uitgingen dat de mens als heerser over de schepping, meer in het bijzonder als heerser over de dieren, dacht naar willekeur te kunnen beschikken over het leven van de dieren.p

Hubertusmissen

Toen ik ook merkte dat de kerk waarvan ik lid was de wapens zegende van mensen die voor hun plezier dieren dood schoten, in speciale Hubertusmissen, vormde dat voor mij aanleiding de kerk de rug toe te keren. Ik bleef affiniteit houden met het christendom, maar kon niet goed uit de voeten met de wijze waarop navolgers van het christendom invulling gaven aan begrippen als mededogen en duurzaamheid.
Dat was ongeveer 15 jaar geleden.
Toen ik 6 jaar geleden Niko Koffeman tegenkwam bij Bont voor Dieren, verbaasde het me toen ik hoorde dat hij christen was en lid van een kerk. In kringen van dierenbeschermers wordt er veelal vanuit gegaan dat het beschermen van dieren op gespannen voet staat met het lid zijn van een christelijke kerk, omdat in de meeste kerken de mens centraal gesteld wordt en al het andere leven op aarde aan de belangen van de mens ondergeschikt lijken te zijn.
Toen ik Niko daarnaar vroeg, vertelde hij me dat die houding niet noodzakelijkerwijs hoorde bij elke christelijke kerk. Net zo goed als binnen de islam diervriendelijke en dieronvriendelijke stromingen te herkennen zijn. En in tal van andere wereldgodsdiensten. Teruggevoerd op de kern hebben alle religies respect voor het leven, ook dat van de dieren.

Marianne Thieme in de kapel van Stoutenburg.
Marianne Thieme in de kapel van Stoutenburg

Werelddierendag

Afgelopen week was het Werelddierendag. De dag waarop overal ter wereld werd stilgestaan bij de rechten van de dieren in onze samenleving. 4 Oktober is ook de sterfdag van Sint-Franciscus van Assisi (1181-1226), de grondlegger van de kloosterorde der Franciscanen. Uit de verhalen over het leven van deze heilige zijn vooral die over zijn liefde voor de natuur en de dieren tot de verbeelding gaan spreken zowel bij katholieken als bij protestanten. Met name de uit de geschiedschrijving bekende preek van Franciscus tot de vogels heeft steeds opnieuw inspiratie gegeven. In de twintigste eeuw ontstond er een sterke opleving in de belangstelling voor Franciscus als dierenvriend. Die belangstelling heeft zeker meegespeeld toen in 1929 tijdens een internationaal congres van verenigingen voor dierenbescherming in Wenen de sterfdag van de heilige Franciscus werd uitgeroepen tot internationale dag van het dier.
De naamgever van het christelijk geloof heeft gezegd " wat ge de minsten der Mijnen gedaan hebt, dat hebt ge aan Mij gedaan" Ik denk dat we de dieren ook onder zouden moeten rekenen.

Maar ook de Islam geeft veel aandacht aan het welzijn van dieren. Het is hoogst merkwaardig dat voor halal vlees alleen een tamelijk wrede en pijnlijke wijze van slachten wordt gehanteerd. Terwijl de koran vooral voorschrijft dat dieren een eerzaam leven moeten hebben gehad voorafgaand aan de slacht. Een leven waarin ze zich hebben kunnen gedragen naar hun aard. Ik kan u verzekeren dat er maar heel weinig halal vlees wordt aangeboden dat aan die kwalificatie voldoet, en dat is heel erg spijtig, temeer daar islamitische onderzoekers hebben aangegeven dat de onverdoofde slacht eigenlijk helemaal geen religieuze eis zou hoeven zijn binnen de islam.

In het boeddhisme is de pantsjasila het ethisch uitgangspunt gevormd door "de Vijf Regels of Voorschriften van Deugdzaamheid". De eerste regel luidt: "Ik houd mij aan het voorschrift om af te zien van het doden van levende wezens." Merkwaardig genoeg zien veel boeddhisten daarin toch geen belemmering om vlees te eten, maar veel anderen zien in de Pantsjasila een duidelijke aanwijzing om geen dieren te doden of te laten doden. Logisch ook vanuit de reïncarnatiegedachte. Boeddha zei: To become vegetarian is to step into the stream which leads to nirvana".

Ook veel hindoes zijn vegetariër omdat ze geen dieren willen doden. De beroemde uitspraak van Ghandi hoort daarbij: "The greatness of a nation and its moral progress can be judged by the way its animals are treated."

Top van de beschaving?

Maar goed, zo kan ik wel even doorgaan, maar belangrijker is denk te constateren dat mensen te vaak zozeer met zichzelf bezig zijn dat ze zichzelf beschouwen als de top van de beschaving en daarmee als de maat van alle dingen. Ze vinden het boeiender om met elkaar in discussie te gaan over de oorsprong van het leven dan over de waarde en de beschermwaardigheid daarvan. Terwijl er toch niet veel fantasie voor nodig is om de beschermwaardigheid van het leven los te zien van een visie op de oorsprong van het leven. Wie gelooft dat het leven geschapen is door een hogere macht zou zich moeten realiseren dat de mens verantwoording draagt en verantwoording schuldig is aan die hogere macht voor de wijze waarop hij met andere wezens omgaat. Voor wie gelooft dat het leven een product van tijd en toeval is zou moeten gelden dat de loutere toevallige omstandigheid dat de ene levensvorm een of enkele evolutionaire stappen van de andere verwijderd is. Waarbij het wel zeer discutabel wordt om " familieleden" die genetisch nauw verwant zijn aan de mens, te onderwerpen en respectloos te behandelen. In die zin vind ik de wijze waarop we vandaag de dag met andere levende wezens omgaan veel boeiender dan hypothetische discussies over de oorsprong van levens die we vergeten te beschermen.

Wel is het is overduidelijk dat levensbeschouwelijke inspiratie veel mensen ertoe aanzet om dieren te ontzien, ze met respect te bejegenen en hun belangen serieus te nemen.

Hoewel de Partij voor de Dieren een seculiere partij is, delen wij het ethisch besef dat heel veel mensen putten uit de meest uiteenlopende levensbeschouwingen. Ons beginselprogramma is daar helder over.

Marianne Thieme tijdens Stoutenburglezing
Marianne Thieme met naast
haar voorzitter Jan-Willem Biekart

Lichamelijke nn geestelijke integriteit

Het leven op aarde manifesteert zich in velerlei vormen. Alleen al het aantal diersoorten bedraagt meer dan een miljoen. Iedere levensvorm tracht zichzelf optimaal in stand te houden, ook indien dit ten koste gaat van andere levensvormen. Diersoorten kunnen elkaars concurrent zijn of in een jager-prooi relatie tot elkaar staan. Alle levensvormen tezamen maken deel uit van het wereldwijde ecosysteem, dat zich in een natuurlijk, dynamisch evenwicht bevindt. Het leven op aarde is hierdoor niet een vredig paradijs, maar een permanente strijd die bij alle betrokkenen leed veroorzaakt, tot aan de dood toe.
De mens is onderdeel van het aardse ecosysteem, maar door zijn mentale ontwikkeling, ethisch besef en de daaruit voortgekomen cultuur is hij in staat zijn eigen belangen ten koste van andere levensvormen intensiever en grootschaliger te behartigen dan welke ander levend wezen ook. Door die zelfde mentale ontwikkeling heeft hij echter ook de vrijheid om andere levensvormen alsook zijn eigen soortgenoten in heden en toekomst geen onnodig leed en schade te berokkenen. Dit respect voor de lichamelijke en mentale integriteit van alle levensvormen op aarde vormt de basis voor een meer vreedzame wijze waarop mensen met elkaar, met de dieren en met de natuur in het algemeen kunnen omgaan.
Dit respect voor het leven is onder mensen nog onvoldoende ontwikkeld. Dit heeft geleid en leidt steeds opnieuw tot grote ruwheid en onzorgvuldigheid in het gedrag van mensen. Daardoor verdwijnen in hoog tempo natuurgebieden, sterven diersoorten uit, wordt het mondiale ecosysteem zwaar belast en ontwricht, en worden grote bevolkingsgroepen in hun voortbestaan bedreigd.
Het is moreel onacceptabel dat de mens de natuur zo intensief exploiteert dat hierdoor de leefomstandigheden op aarde dramatisch veranderen en de biotoop van de mens zelf en van andere levensvormen verslechtert, kleiner wordt of zelfs verdwijnt. Toekomstige generaties zullen met de gevolgen hiervan nog meer geconfronteerd worden dan de huidige generatie. Het is daarom van groot belang dat de mens, in het bijzonder de mens met ethisch besef, zichzelf aanzienlijke ecologische beperkingen oplegt. Die dienen gericht te zijn op het reduceren van het gebruik van ruimte, grondstoffen, energie, planten en dieren.

Het dier telt niet mee

Er wordt vaak gezegd: verbeter de wereld: begin bij jezelf. Wat kunnen wijzelf ondernemen? In onze omgang met dieren kunnen we ervaring opdoen met een bijzondere deugd: de deugd van de medeschepselijkheid.
In de menscentrale ethiek telt het dier niet mee. Alles richt zich op de medemens. Met zoveel verschillende soorten dieren: productiedieren, in het wild levende dieren en zogenaamde 'schadedieren', en natuurlijk onze huisdieren en andere landbouwdieren is deze toch wel beperkte ethiek niet vol te houden en zullen we verder moeten kijken dan alleen de menselijke belangen. Het zijn medeschepselen, die net als wij, mensen, recht hebben op leven en welzijn. Het wordt tijd dat we onze blik verruimen.
Dieren hebben geen enkele morele status. Er kan van alles met ze gebeuren, en er gebeurt dan ook van alles met ze. Je kunt er de meest onwaardige experimenten mee doen, bijvoorbeeld levende varkens bewerken met vlammenwerpers in defensieproeven voor nieuw wapentuig (en leg ze maar eens uit waar het allemaal goed voor is), je kunt ze onderwerpen aan de hel van de bio-industrie (waar hun enige gewicht dat ze in de waagschaal leggen hun slachtgewicht is), je kunt dieren laten opdraven in de amusementsindustrie, je kunt ze op allerlei manieren lichamelijk en geestelijk mishandelen, vernederen en beroven van hun identiteit. Een dier is tenslotte maar een dier. Vooral wanneer het gebruik van dieren een commercieel doel dient is alles, werkelijk alles, geoorloofd. We offeren miljoenen gezonde dieren op het altaar van de economie om dierziekten, die we over onszelf afroepen, het hoofd te bieden. Daarbij is het middel van ruiming dodelijker dan de kwaal ooit had kunnen zijn als we 'm hadden laten uitwoeden. Echter onze economische belangen verzetten zich daar nu eenmaal tegen. Geld is belangrijker dan leven. Alleen maar oog hebben voor economische belangen zonder oog te hebben voor onze leefomgeving is misdadig.
Het wordt tijd dat we de ethiek van de medemenselijkheid laten uitmonden in de ethiek van de medeschepselijkheid, of in de ethiek van eerbied voor de aarde en eerbied voor het leven. Via onze dieren en zorg voor deze aarde kunnen we ons mooi in deze ethiek oefenen.
Dieren kunnen niet praten. Maar een goed christen kent het leven van zijn dieren volgens de Bijbel. Gelovigen zeiden vroeger: 'Als er een boer bekeerd wordt, merken de dieren dat het eerst'.

Erst das Fressen, dann die Moral

Marianne Thieme met Jan de Valk.
Marianne Thieme in gesprek met Jan de Valk
van het studiesecretariaat

Met de aarde kun je als mens niet alles maar doen. Wij dragen er verantwoordelijkheid voor. Dieren, bossen en rivieren op deze aarde mogen rekenen op onze zorg.
Wij, mensen, zijn de enige soort die z'n eigen leefomgeving vernietigt. Wij zorgen voor de opwarming van de aarde, die leidt tot overstroming en hongersnood.
Erst das Fressen, dann die Moral, schreef Bertold Brecht in 1928 en dat is meer waar dan ooit voor onze tijd.
Voor elk gezin zitten er 120 dieren ergens in Nederland in een donker hok opgesloten. Nog niet eens om ze zelf te consumeren, maar voor de export, omdat we de slager en melkboer van heel Europa willen zijn. Ex- minister Veerman zei: het systeem is vastgelopen: we importeren veevoer, we exporteren varkens en we houden de rommel hier en dat is 4000 kg dierlijke mest per Nederlander.
Nooit eerder in de geschiedenis vormde de veehouderij zo'n geperfectioneerd vernietigingssysteem,nooit eerder doodde de mens zulke aantallen dieren als we nu doen, nooit eerder gebeurde dat na dieren slechts een kort en ellendig leven te gunnen dat letterlijk het daglicht niet kan verdragen.
We gebruiken als meest veedichte land ter wereld een veelvoud van het oppervlak van ons eigen land, om in arme landen (waar veelal honger heerst) veevoer te verbouwen voor ons eigen vee. Dat kan niet doorgaan op de schaal waarop we dat nu doen. Zeker niet in een wereld waar de ene helft van de bevolking lijdt aan ondervoeding en de andere helft aan overgewicht.
Inmiddels laten gezaghebbende instituten als Wereld voedselorganisatie en Worldwatch institute weten dat de veeteelt een aanzienlijk grotere bijdrage levert (18%) aan de opwarming van de aarde dan verkeer en vervoer doen (13%). Helemaal nieuw is die informatie niet. Pieter van Geel, de huidige fractievoorzitter van het CDA liet in 2004 al weten dat hij vlees beschouwde als het meest milieubelastende onderdeel van ons voedselpakket. Maar nu er alle aanleiding is de CO2 uitstoot te beperken wordt de besparing alleen maar gezocht bij verkeer en vervoer, die in aanzienlijk mindere mate bijdragen.
Heeft het te maken met het merkwaardige idee in sommige kringen dat dierlijke eiwitten nu eenmaal niet weg te denken zijn uit ons voedselpatroon? Met de gedachte dat vlees een onaantastbare verworvenheid is die nauw raakt aan ons niveau van welvaart?
Hoeveel leed mogen we dieren aandoen om onze smaakpapapillen hooguit enkele plezierige minuten te bezorgen? We zouden de hele wereld van voedsel kunnen voorzien, maar doen dat niet omdat we vinden dat we wereldgrondstofvoorraden vooral bedoeld zijn voor ons gedeelte van de wereld.

Mededogen en duurzaamheid

Mededogen en duurzaamheid vragen om een paradigma verandering waarin we inzetten op een meer efficiente productie die schoner is en meer mensen van voedsel kan voorzien.
Eerstehands voedsel, dat geconsumeerd kan worden vers van het land en zonder dat het maag-darmkanaal van dieren eraan te pas gekomen is, waarmee 90% van de energie die in plantaardig voedsel te vinden is , wordt weggegooid.
De grootschalige productie van dierlijke eiwitten getuigt van grote decadentie en is in een wereld die zucht onder vervuilings-, klimaat en verdelingsvraagstukken niet langer verantwoord. We zullen moeten inzetten op regionale productie waarmee de eigen voedselvoorziening op hoogkwalitatieve wijze vorm kan krijgen, waarin consumenten weer contact krijgen met de wijze waarop hun voedsel geproduceerd wordt en waarin weer de bereidheid groeit een fatsoenlijke prijs te betalen voor onze voeding.Als we het beste voor onszelf en onze kinderen willen, moeten we af van de gedachte dat we vooral het goedkoopste aanschaffen.

Er is alles voor te zeggen om meer te kiezen voor plantaardig voedsel, waarvoor geen levende wezens gedood hoeven te worden.
Maarten Luther zei dat wanneer hij zou weten dat morgen de wereld zou vergaan, hem dat niet zou weerhouden vandaag een boom te planten. Dat is een geweldig voorbeeld voor mensen die denken dat deze wereld eindig is, maar toch niet willen vervallen in fatalisme. Wij kunnen de wereld een beter aanzien geven, dat is ook onze opdracht.

De Eeuw van het Dier

In mijn boek De Eeuw van het Dier heb ik het volgende geschreven:
De mens is voortdurend op zoek naar andere vormen van leven, op andere planeten. Zelfs een vermoeden van water op Mars brengt wetenschappers in extase, terwijl hoog ontwikkelde levensvormen op onze eigen planeet, genetisch gezien nauwelijks afwijkend van de mens, op niet meer kunnen rekenen dan totale onachtzaamheid of louter selectieve aandacht. De hond of de kat worden gekoesterd, maar het nota bene aanzienlijk intelligentere varken wordt ten diepste vernederd en misbruikt. Er schuilt zoveel tegenstrijdigs in de wijze waarop wij mensen met ander leven en met onze leefomgeving omspringen, dat het voor de hand ligt om een totale herijking te overwegen. Zou het denkbaar zijn dat, wanneer we leven op Mars zouden ontdekken van het niveau van het varken, we dat leven direct zouden onderwerpen aan onze eigen opvattingen en behoeften? Zouden we dergelijke Marsbewoners kunnen domesticeren en onderbrengen in grootschalige concentratiekampen, waar ze zouden worden vetgemest en gedood, louter voor onze eigen lustbeleving? Met welk recht zouden we zoiets doen, en wat zou het zeggen over ons eigen niveau van beschaving en ontwikkeling? Aan welke criteria zullen andere mogelijke bewoners van het heelal door ons getoetst worden, hoe zullen we bepalen of ze in leven mogen blijven en/of hun zelfstandigheid mogen behouden? En zullen wij aardbewoners mogelijk ook ooit op soortgelijke gronden getoetst worden door hen, wanneer zij een hogere vorm van intelligentie zouden vertegenwoordigen?

Ik wil besluiten met een toepasselijk gedicht van Marianne Dart:

>> Lees ook: het gesprek met de zaal.

Terug       Top

guy dilweg 8 oktober 2007