Home > communiteit > Marco

‘Er is altijd een basisvertrouwen geweest dat dit mijn plek was’

Marco Ganzeman kijkt terug op 15 jaar Stoutenburg

Marco Ganzeman met twee vrijwilligers in de moestuin.
Marco in gesprek met Ida Valk in de bloemrijke moestuin.

Velen kennen Marco Ganzeman (20-7-1963) als ‘de tuinman’. Maar hij is ook een toegewijde kok, bevlogen dj, administrateur – om maar iets te noemen. Inmiddels heeft hij zijn derde lustrum op Stoutenburg achter de rug. Een goede aanleiding voor een gesprek en Lies van Velsen interviewde hem hierover op een regenachtige middag in juni.


Vertel eens iets over je weg naar Stoutenburg toe.

Ik heb HTS gedaan in Alkmaar en daarna bedrijfskunde aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam. Voor die studie koos ik omdat de wetenschappelijke wereld me wel aansprak toen, en ook omdat bedrijfskunde vakinhoudelijk heel breed is. Je wordt dan een soort ‘generalist’ en dat past mij wel. Maar aan het eind van die studie werd me duidelijk dat ik daar niet mee verder wilde. Maar wat dan wel, dat wist ik ook niet. In die tijd (jaren ’80) kwam ik op het spoor van Mahatma Gandhi. Ik was erg geraakt door de film over zijn leven en besefte toen: een dergelijk leven vind ik belangrijk. De maatschappelijke betrokkenheid, en ook het gemeenschapsleven zoals in zijn ashram. ‘Zo moet het’, dacht ik toen. En direct kwam toen de vraag: ‘Kan ik dat wel en bestaat dat dan, hier in Nederland, eind twintigste eeuw?’ Ik ben toen verder gaan zoeken en ontdekte o.a. De Weyst, een Gandhiaanse leefgemeenschap in Handel, Noord Brabant. Daar ben ik voor een jaar gaan wonen en werken. En daar ontdekte ik: ‘Het bestáát!’ We wisselden nieuwsbrieven uit met o.a. Stoutenburg, en toen ik volgens afspraak na een jaar wegging, ben ik daar gaan kijken. De allereerste kennismaking met Stoutenburg was mijn eerste tuinweek in 1994. Die werd gegeven door Cocky en Marion van Zanten, die hier toen nog woonde. Op zondagavond kwam ik (in het donker, het was februari) met Zwanny in de bus aan.

De dinsdagochtend daarop kwamen er mensen van een regionaal radioprogramma voor een reportage over Stoutenburg, tuinweken enz. Ik was daar dus voor het eerst van m’n leven, pas anderhalve dag, en uitgerekend aan mij vroeg zo’n verslaggever: zou je hier wel willen wonen? Ik gaf toen een soort diplomatiek antwoord, zo van: ‘nou, ik ben hier pas, het is nog een beetje vroeg om daar iets over te zeggen’. Maar van binnen had ik tot m’n eigen verbazing al direct gezegd: ‘ja, dat zou ik wel graag willen!’ De tuinweek beviel me zo dat ik een aantal keren ben teruggegaan. In het najaar van 1995 ben ik op Stoutenburg komen wonen. Marion was inmiddels verhuisd en ik heb toen haar tuinwerk overgenomen. Ook haar kamer trouwens, die heb ik nu nog.

Had je toen al veel ervaring met tuinwerk?

Helemaal niet. In De Weyst heb ik er wel kennis mee gemaakt, maar daar was ik meer voor de klussen, binnen. Daarvóór woonde ik in het centrum van Rotterdam. Tuinwerk, en m’n liefde voor de tuin heb ik op Stoutenburg ontdekt. Dat ik me zo kon verbinden met het werk, met de natuur en het groen, en daarmee ook met het eten, was een grote verrassing: ik kreeg er een vriendin bij! Dat ik zo’n soort relatie kon hebben met mensen en met religie, dat wist ik wel. Maar met de natuur, dat was nieuw. Daar dagelijks mee bezig zijn, is voor mij wel het meest bijzondere van Stoutenburg. Het is ook mijn belangrijkste taak hier, gemiddeld door het jaar heen, ongeveer de helft van de werkweek.

Heb je op Stoutenburg profijt van je studie?

Gedeeltelijk. De financiële kant bijvoorbeeld, waar ik ook een taak in heb. Maar Stoutenburg is geen gewoon bedrijf. Wij gaan niet voor de winst en er vallen ook geen ontslagen, om maar iets te noemen. Stoutenburg is veel breder. Er is ook de spirituele kant en het samenleven. Tuinieren, koken, administratie, klussen, en dan natuurlijk de meditaties en vieringen, het is een mooi breed pakket, en daar houd ik wel van. Wat dat betreft ben ik hier op mijn plek.

Dat ‘brede pakket’ lijkt ook een soort rode draad in je leven te zijn.

Ja, daarom ben ik hier ook gaan wonen. Ik zou het ‘eenheid van leven’ willen noemen. In tegenstelling tot een soort versplinterd gevoel bij alle verschillende rollen die ik vervulde (werk, studie, geloof, geld verdienen etc.) had ik behoefte die dingen te integreren, bij elkaar te brengen op één plek en ze te leven. Hier komen al die dingen bij elkaar. Hier gaat het ook om heel-zijn, niet alleen als persoon, maar ook in het groot, heelheid in de samenleving, ook wereldwijd. Aan die visie proberen we hier – in het klein – handen en voeten te geven.

Je draait nu al zo’n 15 jaar mee en je hebt het project mede vormgegeven. Wat is er in die jaren veranderd?

Marco Ganzeman op een Nieuwjaarsfeet in Stoutenburg.
Marco als entertainer samen met Ruben Verkroost en Cor Vermaat.

Om te beginnen: toen ik kwam, woonden hier ook kinderen, dat geeft een heel andere sfeer en energie in huis. Stoutenburg was groter; 10 volwassenen en 6 kinderen. Dat beviel me wel, net als de open manier van met elkaar omgaan. Er waren ook vrijwilligers, maar niet zo’n grote groep als nu. Verder hadden we in het begin bijna het hele jaar door mensen van buiten in huis, sommigen een paar dagen, anderen een paar weken. Dat gaf wel veel levendigheid, maar ook veel onrust en op een gegeven moment werd het echt te veel. Maar dat hebben we in de loop van de tijd allemaal moeten ontdekken. Ik vind het altijd moeilijk als er mensen, vooral vaste bewoners, vertrekken. Soms gaat daar dan ook nog een tijd aan vooraf waarin je merkt dat de sporen uit elkaar gaan lopen, dat kan een gespannen sfeer geven waar ik moeite mee heb. We zijn in de loop van de jaren kleiner geworden en hebben duidelijk eigen keuzes gemaakt, zoals minder groepen in de weekends. Dat heeft meer evenwicht opgeleverd tussen het conferentiegebeuren – het ‘geld verdienen’ – en onze ideële kant. Het is nu minder: ‘de klant vraagt, wij draaien’, maar: ‘wat willen we zelf’. We zijn nog steeds niet zulke goeie nee-zeggers, we vinden veel dingen leuk en ook belangrijk om te doen, zeggen snel ja. Maar met name waar het de communiteit schaadt, moet je niet altijd ja zeggen. We kijken er nu beter naar, zodat alle aspecten van het project aan bod kunnen blijven komen. Dat is winst. Zo kwam er bijvoorbeeld ruimte voor de tuinweekenden. Ook de communiteitweken zijn daaruit voortgekomen. Waar we heel blij mee zijn is de grote club vaste vrijwilligers. Dat is ook wel een verandering. Toen ik hier begon was dat nog niet zo, inmiddels zijn het er toch 30 á 40 die op verschillende manieren betrokken zijn: de Stoutenburg Academie, het bestuur, vaste mensen die helpen met koken, (eco-)mussen en de grote groep tuinwerkers. Die groep is vrij constant, er is niet zoveel verloop. Het spirituele stuk van Stoutenburg is daar een van de verbindende elementen in. We zien ook vrijwilligers naar de vieringen komen, wat heel fijn en waardevol voor ons is. En last but not least: voor mij persoonlijk is natuurlijk de komst van Carolien een enorme verandering geweest. Tien jaar geleden. Nóg een lustrum! In het begin was het ook wel spannend. We hebben er flink de tijd voor genomen, maar het is natuurlijk heel bijzonder dat twee mensen die van elkaar houden ook nog de liefde voor zo’n project delen.

Hoe zie je de toekomst van het project?

Alle mensen die hier komen nemen iets van deze plek mee, op hun manier en zoals het hun past, iets wat zij beleefd hebben, mooi vinden. Dat gaat dus verder. Of het nu vegetarisch eten is, of de producten die we gebruiken, of samen de dag te beginnen en besluiten, etc. Dat is precies ook waarom we er wonen. Ik vind het fijn om daaraan bij te dragen. De vorm zoals die zich ontwikkeld heeft tot wat we nu hebben hangt natuurlijk wel erg samen met de plek Stoutenburg. Maar het Franciscaans Milieuproject is op zich niet gebonden aan Stoutenburg. Ik ga zeker voor deze plek, om daar met het project te blijven, en tegelijkertijd is het de uitdaging om er niet aan vast te zitten. Om dus, als het anders loopt, open te staan voor andere manieren om door te gaan. Op een andere plek, in een andere vorm, andere mensen. Dat wordt het leuke en ook spannende van de komende jaren, om daarin richtinggevend te kunnen zijn.

Heb je ooit wel eens gedacht: moet ik dit wel blijven doen?

Nee, er is altijd een basisvertrouwen geweest dat dit mijn plek was. Wel begon vorig jaar het werken met zo veel en steeds ook weer nieuwe mensen, een beetje te wringen en ik vroeg me wel eens af: als eind 2015 het huurcontract afloopt; zou dan voor mij het Franciscaans Milieuproject klaar zijn? Omdat het goed was daar helderheid over te krijgen, heb ik onder meer een vision quest gedaan. Toen kwam het inzicht dat dit inderdaad mijn plek is en dat ik hier aan bij te dragen, mee te bouwen heb, in elk geval zolang we hier kunnen zijn. Daar is rust in gekomen, dat is geen vraag meer.

In de basis zit het dus gewoon goed tussen het project en mij. Dit is mijn manier van leven – punt.

Lies van Velzen

Oospronkelijk verschenen in De Koetsier van Stoutenburg 2012-2


Terug       Top

Stoutenburg, juli 2012