Home > Archief > Geschiedenis > Interview met Guy Dilweg


Het Franciscaans Milieuproject Stoutenburg bestond in 2001 tien jaar. In 1991 trok de eerste groep bewoners in het voormalige franciscanenklooster in Stoutenburg. Met steun van vrijwilligers en donateurs is ‘Stoutenburg’ ‘een plek waar de verbondenheid met de natuur wordt beleefd, voorgeleefd, gevierd en bestudeerd’. Guy Dilweg, mede-initiatiefnemer en één van de vier mensen van het eerste uur die er nog altijd wonen, over tien jaar ‘milieuklooster’.

Franciscaans Milieuproject Stoutenburg tien jaar

De moestuin als spiegel van het leven

Door Jan Kas (Barneveldse Krant)

De tuinlieden Cocky en Marco (links) met vrijwilligers in de moestuin. De moestuin is in het Franciscaans Milieuproject ,,een heel centrale plek’’, zegt Guy Dilweg. ,,Daar maak je contact met de aarde, je leert er dat je de natuur niet moet opjagen om meer te produceren dan ze kan.’’ De moestuin is daarmee óók ,,een spiegel van hoe je met jezelf en met anderen omgaat’’. ,,Beslissingen in onze woongemeenschap bijvoorbeeld moeten ook niet overhaast tot stand komen. Daar moet je evenzeer de tijd voor nemen.’’

,,Liefde voor de natuur kende ik al een beetje: de ervaring dat alles goed is zoals het is - klein of groot, krom of recht, afstervend of opbloeiend - het maakt niet uit, het vormt een geheel,’’ schreef een vrijwiligster in het ‘gastenboek’ van het ‘milieuklooster’ in Stoutenburg. ,,Met diezelfde liefde naar de medemens kijken, kost meer moeite. In dit huis heb ik ervaren dat deze liefdevolle levenshouding ook geleefd wordt, als heel gewoon, zo gewoon als het leven zelf bedoeld is.’’

Kasteel

Acht volwassenen en vier kinderen vormen de communiteit die het hoofdgebouw, het ‘Kasteel’ in de volksmond, bewoont. Onder hen zijn een gepensioneerde vroedvrouw, een wijkverpleegkundige en een politicoloog. Van de kerngroep behoorden er vier, onder wie Guy Dilweg, ook tot degenen die in 1991 in het oude herenhuis trokken. De oecumenische woonwerkgemeenschap voert een milieuvriendelijk huishouden, kweekt groente en fruit in de ecologische moestuin en beheert het bos op het elf hectare grote landgoed ecologisch. Verder biedt ze een ervaringsplek aan geďnteresseerden die kortere tijd willen meeleven, onder wie vluchtelingen en jongeren die voor een sociaal-diaconaal jaar hebben gekozen. Ook verzorgt de communiteit activiteiten en cursussen op het vlak van milieu en spiritualiteit (aan het werk in tuin en bos, sacred dance, zenmeditatie, retraiteweken).

Om de huur van het landgoed op te kunnen brengen exploiteren de ‘Stoutenburgers’ het Koetshuis en een deel van het kasteel als een kleinschalig en milieuvriendelijk conferentiecentrum. ‘Stoutenburg’ is niet ‘de plek van de milieubeweging in Nederland’ geworden die de initiatiefnemers voor ogen stond. Dilweg: ,,Natuur- en milieu-organisaties weten ons wel te vinden, ze houden hier ook wel conferenties en bijeenkomsten, maar we kunnen hooguit vijftig personen tegelijk ontvangen.’’ De meeste leden van de communiteit werken twee of drie dagen per week buitenshuis om inkomen te verwerven dat in het project wordt ingebracht.

Verbondenheid

Guy Dilweg
Gemeenschapsleven, spiritualiteit én verbondenheid met de natuur zijn de drie poten van het ‘scheppingsvriendelijke’ milieuproject. Uitgangspunt is dat ,,onze omgang met de natuur en het milieu zich radicaal kan vernieuwen vanuit het ervaren van de wezenlijke verbondenheid van al het geschapene, met elkaar en met de Schepper’’. De spiritualiteit van Franciscus - de naamgever van 4 oktober, Werelddierendag - en Clara van Assisi is voor de bewoners een belangrijke bron van inspiratie. Dilweg: ,,Franciscus van Assisi drong zo diep door in het bestaan dat hij alles vanuit zijn oorsprong kon waarnemen: als een Loflied op de Schepper. Je moet je trouwens wel kunnen vinden in alle drie de poten om hier te kunnen wortelen. Mensen die wel aangesproken waren door het gemeenschapsleven ňf de verbondenheid met de natuur, maar weinig hadden met spiritualiteit, haakten op een gegeven moment toch af.’’

De spiritualiteit van ‘Stoutenburg’ is franciscaans in ‘het leven in verbondenheid met de schepping en de Schepper’, maar niet exclusief christelijk, aldus Dilweg. ,,Wij hebben deze wereld niet gemaakt, wij zouden haar ook nooit kunnen maken, we moeten buigen voor de mystiek van het leven. In die eerbied voor het geheim van het leven herkennen mystici van welke richting ook elkaar, of ze nu soefi, moslim, christen of indiaan zijn.’’

De verhouding tussen mens en milieu en de natuur kan volgens Dilweg ,,alleen echt verbeterd worden als je die vanuit de wortel opnieuw opbouwt’’. ,,Die wortel is voor ons de religieuze kant van ons bestaan: de overtuiging dat wij wezenlijk verbonden zijn met God en via God met alles wat leeft en geschapen is. Daar moet je regelmatig bij stilstaan. En dat doen we onder meer drie keer per dag in onze meditaties en stille tijden.’’

Verwondering

Er is in de samenleving best wat veranderd in die tien jaar dat het Franciscaans Milieuproject bestaat. Dilweg: ,,Scheiden van afval is heel gewoon geworden. Er zijn regels voor de uitstoot van schadelijke stoffen, voor grote plannen worden milieueffectrapportages gemaakt. Met de aandacht voor het milieu zit het toch wel snor, anders is het met de verbondenheid met de natuur. Zolang we ons nog baas over de natuur, koning over de natuur voelen, zal dat niet lukken. ‘Rentmeester van de natuur’ gaat me al niet ver genoeg. Daar zit nog veel afstand in. Als je zegt ‘Daar wil ik aardappelen, daar aardbeien, daar radijsjes’, probeer jij de natuur jouw wil op te leggen. Je moet echter naar de aarde luisteren, in plaats van haar af te persen en uit te persen. Je moet op de goede tijd zaaien, anders krijg je van die sprieterige plantjes. En als je een stuk grond niet af en toe met rust laat, is er soms een slechte oogst. Je moet geduld leren hebben met het tempo van de natuur. Zo leven in verwondering, met respect en dankbaarheid vraagt best een salto mortale.’’

‘Niet ingrijpen, maar de natuur haar gang laten gaan’ geldt in het Franciscaans Milieuproject niet alleen voor de moestuin. ,,Dat model past ook goed in ons bestaan als woongemeenschap: leef niet zo gehaast, besluitvorming moet je niet forceren,’’ aldus Dilweg. Hij herinnert zich de discussie toen de gezamenlijke auto van de bewoners van ‘Stoutenburg’ ‘tegen een boom gezet werd’ en total loss moest worden opgegeven. ,,Ik had zo vijfduizend gulden bij elkaar voor een nieuwe, totdat de vraag opkwam of we het niet een maand zonder zouden kunnen proberen. Na die maand was er niemand die een auto miste. Als er vervoer nodig was, kon er ook een taxi komen. Het is een kwestie van gewenning. We moeten best wel eens wachten op een trein, maar we winden ons niet meer zo op. Ik denk dat we er gelukkiger en rustiger door geworden zijn...’’

Oefenplaats

De meeste leden van de communiteit kiezen voor Stoutenburg omdat ze daar ‘een leven kunnen leiden dat je niet zo gemakkelijk in je eentje volhoudt’. ,,Je hebt steun aan elkaar als je volgens je idealen wilt leven. Je ‘spant samen’. Van vaste bezoekers horen we vaak dat ze het in hun eentje niet klaar spelen in een wereld van planning en carričre.’’

Stoutenburg is een oefenplaats, aldus Dilweg. ,,De betekenis van ons project voor de samenleving is dat we er zijn en openstaan voor anderen. We zeggen: Kijk, zo kan het ook! Waarden die in de samenleving naar de achtergrond verdrongen zijn, staan hier op de voorgrond: gemeenschap, spiritualiteit en verbondenheid met de natuur.’’ Een ‘tegenmodel’? ,,Ik aarzel bij die term. Ons project zet zich niet af tégen wat er in de rest van onze samenleving gebeurt. Wij staan vóór een leefwijze waarin mensen anders omgaan met de natuur, met elkaar, met tijd en met geld dan in een groot deel van onze samenleving gebruikelijk is. Stoutenburg willen we als oefenplaats blijven verzorgen en in stand houden om mensen de gelegenheid te geven er op adem te komen en inspiratie op te doen: Het kan dus toch anders, misschien ook op mijn plek in de samenleving.’’


Zie ook >> Van de natuur houden als van een medeschepsel

Terug       Top